Curveball
Verrassing van dit pakket, de curveball van augustus. Cypriotisch wit om de zomer uit te luiden. Fris en charmant. Toch wel mediumvol, dit. Overgangswijn, zo u wilt.
Cyprus: warm eiland, zon, zee… en vooral makkelijke witte wijn. Maar ga je de bergen in, dan verandert alles. Koele nachten, veel wind en enorme verschillen tussen dag- en nachttemperatuur. Dat geeft de druiven de kans om rustig te rijpen en hun frisse zuren te behouden.
Stuk interessanter, want naast dat bijzondere klimaat heeft Cyprus ook nog een arsenaal aan druiven waar je waarschijnlijk nog nooit van hebt gehoord. Tijd voor de belangrijkste witte van het eiland: Xynisteri.
Lokale parel
Tsiakkas is niet zomaar een producent. Dit is een van de namen die de moderne wijnbouw op Cyprus heeft vormgegeven. Een familiebedrijf, begonnen eind jaren ’80 en inmiddels uitgegroeid tot een belangrijke referentie voor de inheemse druiven van het eiland.
Wat ze hier doen is toch bijzonder. Wijngaarden hoog in de bergen, veelal biologisch bewerkt en met ongeënte stokken. Cyprus ontsnapte aan de druifluis phylloxera, die eind negentiende eeuw bijna alle Europese wijngaarden verwoestte. Daardoor kunnen druivenstokken hier nog gewoon op hun eigen wortels staan. Tsiakkas werkt sinds 1995 biologisch en heeft wijngaarden tot ruim 1.400 meter hoogte.
En misschien nog wel het leukste: ontzettend aardige mensen die houden van het leven. En van goed eten en drinken. Dat proef je terug.
Xynisteri
Xynisteri is een van de belangrijkste lokale witte druiven van Cyprus en voelt zich uitstekend thuis in het droge klimaat. Maar bij Tsiakkas zoeken ze juist de hoogte op. De druiven voor deze wijn komen uit verschillende gebieden op maar liefst 800 tot 1.400 meter hoogte, met zandige, vulkanische en kalkrijke bodems.
Beetje dikte graag
In de kelder wordt er gelukkig niet geprobeerd om daar met een lading hout ineens iets zwaars van te maken. De wijn krijgt eerst een koude inweking en vergist daarna in roestvrij staal. Vervolgens blijft hij twee maanden op de lie rusten in RVS tanks.
Dat geeft nét wat extra vulling en textuur aan de wijn, zonder het frisse karakter in de weg te zitten.
Wanneer is-ie het lekkerst?
Hier krijg je dus geen dun, eenvoudig zomerwit. Nectarine, limoen en grapefruit, met iets rijpers en honingachtigs erachter. Fris genoeg om lekker door te drinken, maar door die tijd op de lie ook met wat meer vulling en zachtheid in de mond.
De wijnmaker drinkt dit zelf graag met fetasalade met groene groenten, een fijn stuk gegrild gevogelte of schaal- en schelpdieren. En vooral niet te warm schenken: ergens rond de 8 à 10 graden beginnen.
Een druif waarvan je de naam na twee glazen nog steeds verkeerd uitspreekt, maar die je daarna waarschijnlijk wél onthoudt.