Witte Chinon, kom er maar om
Chinon kennen we natuurlijk vooral van de karakteristieke rode wijnen van Cabernet Franc. Toch wordt er ook wit gemaakt. En wat voor wit!
Chenin Blanc is een druif die onder wijnkenners en verzamelaars altijd voor opwinding zorgt, maar die de gemiddelde Nederlandse wijndrinker vooral kent onder zijn Zuid-Afrikaanse alias: Steen. Jammer genoeg is dat in Nederland vaak een naam die op flessen van bedenkelijke kwaliteit prijkt.
Terwijl de druif in zijn oorspronkelijke thuis, de Loire, werkelijk alle gezichten kan laten zien: van strak, vegetaal en mineraal tot rijk, rond en rokerig. Zelfs halfzoet of zoet komt hij regelmatig voor, altijd gedragen door levendige zuren.
Lokale variaties
Witte Chinon is schaars en daarmee nog steeds een goed bewaard geheim. De wijngaarden liggen op de kalkrijke hellingen langs de rivier de Vienne, met bodems van krijt en tuffeau, soms vermengd met silex.
Daarmee zit Chinon qua terroir dichter bij Vouvray, maar de stijl is eigenwijs. Waar Vouvray breed uitwaaiert, van droog tot honingzoet en mousserend, is Saumur vaak bloemiger en frisser. Chinon zit daar mooi tussenin.
Oude stokken, frisse wijn
Ch芒teau de Coulaine bestaat al sinds de 14e eeuw en wordt nog altijd door dezelfde familie beheerd. Tegenwoordig staan 脡tienne en Pascale de Bonnaventure aan het roer. Zij werken volledig biologisch en zien zichzelf eerder als hoeders van het terroir dan als moderne wijnmakers.
De Sinople Blanc laat een iets andere kant zien van Chenin uit Chinon. Waar sommige cuv茅es meer op rondeur zitten, is dit juist een wijn die leunt op spanning, frisheid en precisie.
De druiven worden relatief vroeg geoogst om de zuren strak te houden. In de kelder wordt er bewust ingetogen gewerkt. De vergisting vindt plaats op gebruikte houten vaten van 600 liter. Daarna rijpt de wijn nog 11 maanden op gebruikt hout op de fijne lie.
Wanneer is 鈥檌e het lekkerst
Vegetaal en fris, met puur fruit, maar wel een vollere, wat lobbigere stijl. Mooi groen, appel, netel en wat kweepeer. Heerlijke wijn, met veel lengte, sappigheid en romige, afgeronde zuren. In ruime glazen, rond de 11 graden. Niet te warm, maar zeker niet te koud.
Rijpere geitenkaas, quiche met groenten, verse doperwten met munt en boter en een mooi stukje witvis op de huid. Met alles doe je deze wijn een groot plezier.